Het bouwen van je eigen boot

Geplaatst op: 23 december 2012

Je eigen boot, een plek onder de zon….

Inleiding

Soms liggen de eenvoudigste oplossingen voor een probleem gewoon onder je neus. Zoals ik ooit van een brandweerman te horen kreeg op mijn zoektocht naar een goede brandblusser na het zelf bouwen van mijn open haard: “Wel eens aan water gedacht?”, zo ook zou je bij je eerste zelf te bouwen boot kunnen denken: “Wel eens aan hout gedacht?”

De mooiste bootjes hebben namelijk een houten constructie, bij elkaar gehouden door metalen bouten, schroeven en nagels, OK met hier en daar een beetje moderne kit er tussen tegen toekomstige incontinentie.

Zoals bomen variëren in hun vorm en eigenaardigheden, vindt hun hout met verschillende eigenschappen haar verschillende toepassingen in een boot.
Zo ook ontwikkelden vele kustbewoners onder zeer uiteenlopende omstandigheden, erg van elkaar verschillende technieken om hun vaartuigen te bouwen.

Ondanks dat deze boten aan hun vele doeleinden ondergeschikt werden gemaakt en daarnaast hun dansende gang over het water bleven vervolgen, behoren deze constructies tot de mooiste functionele kunstuitingen van de mens.

Het besluit om een boot voor jezelf te (laten) bouwen bevat dan ook vele factoren waarmee rekening moet worden gehouden, zowel van praktische- als zeker ook van esthetische aard:

Overwegingen

Het gedrag van een boot op het water is een test voor de degelijkheid van haar constructie. Een te licht gebouwde boot zal snel gaan maar of ze de overkant van de plas zal halen zal dan meer het gevolg zijn van het weer dan van haar constructie. Het weer is grillig en afhankelijk van de breedte van de plas kan een veilige aankomst niet overgelaten kan worden aan de grillen van Aeolus.

Omdat een te zwaar gebouwde boot haar prestaties juist zal drukken, zoeken we voor de boot een juiste balans tussen gebruik, gewicht en sterkte.
Ook houden we rekening met de sterk wisselende krachten op de romp en haar tuig in zeegang, deze veroorzaken een zekere beweging in de romp. Duizenden jaren al hebben bootbouwers over de hele wereld constructies ontwikkeld, welke de karakteristieke voordelen van hout hebben uitgebuit. Zij deden hun voordeel met de primaire behoefte van een boom om bij harde wind, de druk van de wind in haar bladerkroon via haar takken en stam gelijkmatig over te brengen op haar wortels in de grond om zo niet om te vallen of af te breken.

Wat goed werkt voor bomen werkt dus evengoed in een boot: Hout toegepast in een boot buigt gelijkmatig en volgens prachtig gebogen lijnen heen en weer terug, waardoor spanningen zich gelijkmatig over de gehele constructie verdelen.

OK, hout dus ….

Of een boot nu overnaads of karveel is gebouwd, 12 of 30 voeten lang is, hout heeft bewezen ideaal te zijn voor het bouwen van een boot. Het neemt van nature de strokende vorm aan die een boot gelijk functioneel als mooi  maakt. De complexe constructie achter haar oogstrelende lijnen is op zichzelf al een kunstwerk. Dit kustwerk voorspelt eindeloze mooie zomeravonden op stille wateren met aangrenzende diepe gronden.
Niet voor niets is het dat als we over schepen praten het over “haar” en  “zij” gaat, ze vaak vrouwennamen hebben en een vrouw als boegbeeld gebruiken. Ook worden ze altijd  door een vrouw gedoopt, houdt dat even vast voor wanneer je eigen scheepje te water wordt gelaten.

Hout is uniek in haar isolerende, vochtregulerende en bewerkbare eigenschappen. Verschillende houtsoorten laten verschillende eigenschappen zien: Zwaar, sterk, wit eiken voor de basisstructuur zoals de steven, kiel, wegers en spanten. Lichte, harsrijke, langvezelige grenensoorten voor huiden en dekken. We nemen rotvaste soorten als teak en locust voor plaatsen waar het er echt toe doet.
Alle eigenschappen van in de bootbouw toegepast hout komen zo ook goed tot hun recht bij het intimmerwerk. Mooi warmbruin mahonie of blank essen en iepen worden vaak gebruikt om het verblijf in het binnenste van een romp te veraangenamen; menig wijntje valt prettiger in een mooi ingetimmerde kajuit dan in een tupperware omgeving.

Al deze houtsoorten hebben hun vezelstructuur, hun jaarringen en andere eigenaardigheden ontwikkeld in jaren van lijdzaam leven in een mooie groene omgeving waar we zuinig mee willen omspringen. We proberen dus ook hout te kiezen dat niet uit roofbossen komt. FSC is prachtig, maar veel hout uit verantwoord beheerde bossen komen hier (nog) niet voor in aanmerking. Probeer bij je houtleverancier hier meer informatie over te krijgen. E zijn steeds meer leveranciers die hier open over kunnen vertellen.

Nadat deze bomen in zagerijen tot balken en planken zijn gezaagd, komen voor de bootbouwer hun fraaie en goede kwaliteiten, tezamen met hun problemen mee naar buiten:
Om zo zuinig mogelijk met deze dure materialen om te springen probeert de zager de stam zo economisch mogelijk te bezagen, rekening houdend met het gebruik door de bootbouwer.
Terwijl kwaliteiten als sterkte en rotbestendigheid zich per houtsoort laten voorspellen, komen verschillen per stam pas aan het licht nadat de stam gezaagd is: o.a. valbreuk, droogtescheuren en ongedierte.
Dat proces van het kiezen van de houtsoort en het hout, tot het zo praktisch mogelijk zagen en daarna gebruiken van dat mooie hout maakt het bouwen van je eigen boot juist zo’n  fascinerende bezigheid.

De romp

Voor kleine lichte rompjes vind ikzelf de overnaadse bouwwijze het mooist.
Ontwikkeld door de oervaderen van de Vikingen vanaf meer dan 2000 jaar geleden, waren deze op elkaar genagelde planken rompen al een geïntegreerde houten constructie op zichzelf.
IJzeren en later koperen nagels hielden de planknaden bij elkaar; daardoor waren die rompen waterdicht en erg flexibel. Met gezaagde of gestoomde spanten voor het dwarsverband, wegers voor het nodige langsverband en het dragen van de doften, dollen, dek en opbouw, is de overnaadse romp een krachtige en toch lichte constructie. Niet voor niets zijn decennia lang reddingsboten aan boord van zeeschepen volgens deze methoden gebouwd. Er is na het verlaten van het schip in nood geen tijd om de romp ‘nog even te laten dichtzwellen’.
Omdat de huidplanken een integraal onderdeel van de romp vormen, hoeven de spanten en wegers niet al te zwaar te worden uitgevoerd.

Met zwaarder uitgevoerde delen, dichter op elkaar geplaatste spanten en schroeven en nagels, zal een zelfde romp krachtiger maar ook zwaarder worden. Bootontwerpers en –bouwers werken al duizenden jaren met deze maten en materialen. Bijna allemaal nemen zij deze waarden voor het toekomstige gebruik van elke boot in acht als zij een nieuwe boot op stapel zetten. Zij deden dit eeuwen lang van vader op zoon en zelfs zonder CE-keur of Lloyds registers. Op hier en daar en uitglijer na (de Vasa) ging ze dat nog redelijk af.

Voor karveel gebouwde, gladboordige boten worden deze afmetingen en materialen een stuk zwaarder genomen. Beplankingen, koud tegen elkaar of met katoen of ander werk gebreeuwd, worden zo gebouwd om in het water te zwellen en zo eventuele kieren te dichten en een waterdichte romp te vormen.
Met de ronde vormen van een boot is dat dichtdrukken van de naden alleen mogelijk als deze planken op een stevig stelsel van dicht op elkaar geplaatste spanten van voldoende afmeting worden bevestigd.
Zo samengedrukt zal een goede set huidplanken de krachten van een aanstormende zee via de huidschroeven direct op de onderliggende structuur overbrengen. Daarbovenop komen dus nog de compressiekrachten tussen de huidplanken onderling, de zware krachten van een stampende motor, roeiriemen op de boorden en krachten van de mast en tuigage. Niet mis dus.

Het Ontwerp

Zo begint het bouwen van je boot met het kiezen van een type en ontwerp. Het type is vaak smaakgestuurd waardoor je bij een bepaald ontwerp uitkomt. Het gebruik staat daar min of meer los van. Het is van belang dat je het toekomstig gebruik van de boot beoordeelt: Ga je met elk weer dagen lang de plas op of beperk je je tot af en toe een ‘evening sail’ langs het rustig wuivende riet? Komt er een motor in om te gaan waterskiën of blijft het bij wat lichte riemen?

Je hebt een ontwerp gevonden dat je aanspreekt en een tekening aangeschaft. YES! De grootste hobbel is genomen. Je kunt nog terug: Velen hebben stapels tekeningen liggen maar kunnen niet tot een besluit komen om daaruit de ideale boot te kiezen. Troost je: Die boot bestaat niet!! ‘Elk voordeel hep ze nadeel’ zei Johan Cruijf al lang geleden en dat sloeg niet alleen op voetbal.
Eenmaal A gezegd hebbende ben je nu vastbesloten om ook B te gaan zeggen. Soms begint dat met een b, maar je gaat beginnen en laat je niet weerhouden door alle die betweters; die staan aan de kant moet je maar denken, ook als jij al lang met je bootje langs het riet aan het schuifelen bent.

OK, met het ‘bootschappenlijstje’ van je ontwerp in de hand ga je op zoek naar de verschillende materialen en benodigde onderdelen. Verschillende ontwerpen verlangen een verschillende setup. We hebben vaak ruimte nodig op een spantenvloer de boot op ware grootte uit te slaan en daarna te bouwen. Tenzij je een tekening op ware grootte hebt gevonden natuurlijk. Maar toch is het fijn als je die grote lange tekening op kunt hangen, al is het alleen al om af en toe bij weg te dromen tijdens de koffie.

We gaan dus op zoek naar droog hout voor de verschillende onderdelen van de “backbone”, het geraamte van de kiel, steven en spiegel; min of meer groen hout voor de te stomen onderdelen zoals spanten en huiddelen en ook hout voor het bouwframe en de bouwmallen mogen we niet vergeten.

Met de tekening aan de muur, de uitslag kompleet, het bouwframe met bouwmallen opgesteld en je houtvoorraad netjes weggelegd, kun je beginnen aan het bouwproces: het plaatsen van de backbone en het aanbrengen van de huid.

Elke boot en elke bouwer is anders: we kunnen dezelfde boot op verschillende manieren en van verschillende materialen bouwen met steeds een verschillend resultaat maar met als grondvorm ‘jouw’ boot.

Dan, met het voorjaar in zicht en het intimmeren bijna gereed, gaan we ons opmaken voor de echte afwerking van lakken en schilderen met als toetje dat waar het allemaal om ging: tewaterlaten en zeilen!!

Zo is bootbouwen eigenlijk een ‘piece of cake’; niet hoogspringen maar hordelopen; niet in één keer de  hoogste sprong, maar elke keer een kleine sprong en daarna uitlopen op weg naar de volgende.

Bert van Baar
Bootbouwschool.nl
Leraar bootbouw HMC Amsterdam